Hulp op Lesbos

We zijn weer terug van Lesbos, Molyvos. In de afgelopen week hebben we veel gezien en meegemaakt. Weer thuis overheerst een gevoel van dankbaarheid. Een korte impressie van indrukken welke we graag delen.

Wat hebben we gehoord en gezien?
De Turkse kust is ongeveer 15 km van Lesbos verwijderd. Dit betekent dat je de overkant dus goed kan zien. Wij zijn vooral vluchtelingen uit Irak, Syrië, Koerdistan, Afghanistan tegen gekomen. Door de korte afstand is het stuk strand (ook enkele km’s breed) waar wij vlakbij zaten een plek waar vele boten aankomen of waar smokkelaars mensen afzetten.

Wat we van mensen zelf gehoord hebben is dat ze soms al een hele reis van weken of langer achter de rug hebben voordat ze in de boot stappen. Als ze de oversteek willen maken moeten ze tussen de 1000 en 2000 dollar p.p. aan Turkse smokkelaars betalen. We hebben van meerdere mensen gehoord dat ze dan te horen krijgen dat ze met een groep van 15 mensen op een boot de oversteek gaan maken. Als ze bij de boot komen wordt hen verteld dat er meer bijkomen en wordt het aantal opgevoerd tot 40-50 mensen/kinderen. De boten zijn daar helemaal niet op berekend. Vaak moeten ze dan ook spullen/tassen die ze bij zich hadden overboord gooien of afgeven aan de smokkelaars. Met als gevolg dat de meesten niets bij zich hebben of hooguit een kleine rugzak.

De mensen moeten ook vooruit betalen en zijn bijv. met slecht weer/ in de avond aan de beurt en worden dan voor de keus gesteld of op de boot of opnieuw betalen…… (vandaar dat bij slecht weer er ook nog steeds mensen komen). In de ochtend gaan de meeste mensen weg uit Turkije en komen dan halverwege de ochtend aan in Lesbos. We hebben meegemaakt dat er in anderhalf uur tijd wel 8 – 10 boten aankwamen.

Je moet je voorstellen dat ze nationaliteiten door elkaar heen zetten in een boot. Heel vaak hebben wij Syrische (jonge) gezinnen gezien met jonge mannen/jongens uit Afghanistan/Irak. Veel mensen kunnen niet zwemmen en hebben mede om die reden een zwemvest gekocht. Het bizarre is dat dit ze ook weer ongeveer 100 dollar p.p. Kost en het soms zulke slechte zwemvesten zijn dat je daar weinig mee opschiet. De Afghanen gaan met een blauwe, die zijn het goedkoopst en het slechtst. Ook kleine kinderen hebben soms “poedelbad zwemvestjes” om, op zee zou je daar niets aan hebben. Er zitten hoogzwangere vrouwen tussen, mensen die niet kunnen lopen, kleine baby’s, kinderen, van alles en nog wat. Sommigen hebben verschillende familieleden verloren door de oorlog vertelden ze ons.

De mensen zijn echt blij als ze aan de kust komen, ze komen vaak juichend aan. Bijna iedereen gaat direct bellen met het thuisland/familie. Maar mensen / kinderen zijn ook in shock. Hoe ze op de boot gekomen zijn ( zie eerder) was al niet zoals ze gedacht hadden, de zee viel vaak tegen (koud, hoge golven, niet goed weten waar heen te varen, niemand met ervaring, niet kunnen zwemmen, allemaal nationaliteiten en geloven door elkaar) maakt dat ze versuft/ emotioneel aan de kant komen. De gezichten van vooral de kinderen is niet te beschrijven. Beelden die blijven hangen bij ons.

Mensen komen nat van de boot af en moeten dan gaan lopen naar een kamp/verzamelplaats. Stel je er niet teveel van voor (geen wc, douche of wat ook).Van waaruit ze verder geholpen worden naar het echte kamp in de hoofdstad. Dit was een paar weken geleden nog geheel te voet. Nu is er steeds meer geregeld door met name vrijwilligersorganisaties, sinds afgelopen zondag rijden er bussen.

We hebben de hulpverlening met de dag zien verbeteren. De organisaties zagen we ook steeds meer met elkaar afstemmen. Dat is ontzettend bemoedigend. Het betekent dat er vrijwilligers bij vrijwel iedere boot zijn die mensen van de boot af kunnen helpen, dat er vaak wat water en te eten is. Droge kleding voor de kinderen, medische hulp en dat er steeds meer bussen gingen rijden waardoor de vluchtelingen niet te voet het halve eiland hieven af te leggen. Per dag verbeterde dit gelukkig.

Wat hebben wij gedaan?
Toen we bij aankomst uit de bus stapten die ons van het vliegveld gehaald had, stapten we letterlijk tussen de vluchtelingen uit die daar op de stoep aan het wachten waren op de bus naar het kamp. De mensen moesten van het strand naar die plek lopen en van daar verder met bussen. We hadden gevoel dat we daar mochten zijn en dat hebben we de eerste dagen gedaan. Water uitdelen, mensen bemoedigen, kinderen een kleurplaten geven, toiletartikelen uitdelen, eten uitdelen etc.

Voor het dorp Molyvos werd de groep vluchtelingen te groot en is er verderop in een provisorisch kamp gemaakt. Tegelijkertijd kwamen er organisaties die de kosten van bussen voor zich op namen en konden mensen steeds meer van het strand met de bus naar het provisorische kamp waar ze daarna weer met andere bussen werden vervoerd naar het echte kamp in de hoofdstad. (bij de provisorische kampen moet je niets voorstellen. Er is een zeiltje gespannen waar maar 50 mensen onder kunnen staan. Er is een groep vrijwilligers die uitdeelt wat ze hebben gekregen en die het vervoer verder regelen. Als het regent wordt je nat, in de avond is het koud, geen toilet, soms geen eten etc). Barre omstandigheden, mensonwaardig.

Er zijn 2 provisorische kampjes voordat ze naar het echte kamp in de hoofdstad Mitylini gaan (aan beide uiteinden van de kust waarop ze aankomen een kampje, het ligt er dus aan waar je aan land komt naar welk kamp je gaat). We hebben beiden kampen bezocht. Mensen kunnen bemoedigen met bovengenoemde spullen.

Nadat de bussen beter geregeld werden en mensen niet meer hoefden te lopen zijn wij naar het strand gegaan met een auto. We vonden op de kust een plek waar we konden helpen. We hebben daar mensen geholpen uit de boot te komen, mensen bemoedigt en ook eten en drinken uitgedeeld. Maar ook wat opgeruimd (de hele kustlijn is een zootje…. Overal zwemvesten, restanten van boten, natte kleding etc).

We vonden het heel bemoedigend om te zien hoe de organisatie steeds meer vorm kreeg, diverse organisaties het land in komen en men met elkaar zoekt naar een goede hulpverlening. Wat een vrijwilligers uit de hele wereld zetten zich in. Met elkaar kun je echt verschil uit maken! Wij waren daar ook een week onderdeel van.

We hebben zelf ook echt ervaren dat God bij ons was. In de ontmoetingen met de vluchtelingen, vrijwilligers of organisaties die we tegen kwamen. Maar ook praktisch hebben we echt gemerkt dat God erbij was. Een van de kampjes had nauwelijks te eten en er stonden 150 vluchtelingen al lange tijd met honger en dorst. We konden een mobiele groenteman die langs reed staande houden, via een lokale passant die dat zag en stopte kregen we geld, en we hebben genoeg fruit gekocht voor alle 150 mensen. God voorziet!

Wij hebben al veel vaker verhalen van vluchtelingen gehoord. Maar dat was wel als ze al in Nederland zijn. Om ons nu in de vluchtroute te begeven is nieuw en heftig. Het is ongelooflijk als er honderden zo niet duizenden mensen aan je voorbij trekken of als er zoveel aan land komen. Je ziet op zee een stipje aankomen, steeds dichterbij en uiteindelijk zie je een volle boot. Dat doet veel met ons (vandaag laten we er echt even een traan over). We geloven dat ook al was het zo iets kleins op hun lange route (even een flesje water of een arm om iemand heen) het verschil heeft gemaakt. We mochten zaaien in Gods koninkrijk.

We willen een ieder bedanken voor meeleven in de vorm van gebeden, bemoedigen, mail, app, financiële steun et cetera. Bid en denk vooral ook voor/aan de vluchtelingen. Ook zij die niet het geld hebben om de oversteek te maken en in het Midden- Oosten in erbarmelijke omstandigheden zitten. Maar laten we al die andere vluchtelingen in de wereld ook niet vergeten. Een ding weten wij zeker en dat is dat God ze persoonlijk kent en ziet. De vreemdeling is op Zijn hart.

Groeten,
Johan en Tabitha

Lesbos

8

2

4

3

1